Daar waar we amper kunnen staan

Thursday, November 29, 2007

Fluister ze in mijn oor dan. (Toe.)
Je was altijd al een kind van hout. Van es.
Van niet helemaal weten hoe. (Met schelpen, te groot voor je hand.)
- Ik blijf maar over je struikelen. -
Uitglijden over het ijs op je vloer.

In het papieren tasje dat je me meegaf toen: een kassaticket voor de aankoop van vier washandjes in auberginekleur.

Incurable

5 Comments:

  • At December 04, 2007 1:12 PM, Blogger henk said…

    ik heb ter elve ure de schelp aan mijn oor...ik hoor ruis...
    is dat de zee van tijd?...

     
  • At December 04, 2007 1:52 PM, Blogger henk said…

    kinderkopjes kunnen van zichzelf glad zijn natuurlijk...
    de oude straten zijn er vol van...mag ik je een hand geven dan lopen we samen verderop...

     
  • At December 04, 2007 2:13 PM, Blogger henk said…

    ik wou dat het winter was...
    rolle bollen met mijn O lijfje in de sneeuw...ik heb een wortel...ik zie al twee mooie ogen en een mondje...verlang naar dat...nu al ijs...

     
  • At December 04, 2007 2:43 PM, Blogger henk said…

    pinokio en sneeuwwitje een statig stel...ik smelt voor jou dan hoef jij het niet te doen...en blijven we samen spelen net als toen...

     
  • At December 05, 2007 11:42 AM, Blogger Ephrim said…

    Het was op die kinderkopjes dat hij zijn schoenen stukliep, de jongen van es. Hij liep voor me uit, stuurde het doffe kloppen van zijn grote, onhandige voeten tegen de hoge huisgevels aan weerskanten op. De echo is er nog steeds niet weggeraakt.

     

Post a Comment

<< Home